La búsqueda del término aanstichten ha obtenido 18 resultados
NL Neerlandés ES Español
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
causar (v) [ramp]
  • causado
  • causas
  • causan
  • hubieron causado
  • hubiste causado
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
desencadenar (v) [ramp]
  • desencadenado
  • desencadenas
  • desencadenan
  • hubieron desencadenado
  • hubiste desencadenado
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
desencadenar (v) [opstand]
  • desencadenado
  • desencadenas
  • desencadenan
  • hubieron desencadenado
  • hubiste desencadenado
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
inducir (v) [ramp]
  • inducido
  • inducen
  • induces
  • hubieron inducido
  • hubiste inducido
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
inducir (v) [opstand]
  • inducido
  • inducen
  • induces
  • hubieron inducido
  • hubiste inducido
NL Neerlandés ES Español
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
producir (v) [ramp]
  • producido
  • producen
  • produces
  • hubiste producido
  • hubieron producido
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
producir (v) [opstand]
  • producido
  • producen
  • produces
  • hubiste producido
  • hubieron producido
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
ocasionar (v) [ramp]
  • ocasionado
  • ocasionan
  • ocasionas
  • hubieron ocasionado
  • hubiste ocasionado
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
ocasionar (v) [opstand]
  • ocasionado
  • ocasionan
  • ocasionas
  • hubieron ocasionado
  • hubiste ocasionado
aanstichten (v) [opstand] hacer estallar (v) [opstand]
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
causar (v) [opstand]
  • causado
  • causas
  • causan
  • hubieron causado
  • hubiste causado
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
incitar (v) [ramp]
  • incitado
  • incitan
  • incitas
  • hubiste incitado
  • hubieron incitado
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
incitar (v) [opstand]
  • incitado
  • incitan
  • incitas
  • hubiste incitado
  • hubieron incitado
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
instigar (v) [ramp]
  • instigado
  • instigas
  • instigan
  • hubiste instigado
  • hubieron instigado
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
instigar (v) [opstand]
  • instigado
  • instigas
  • instigan
  • hubiste instigado
  • hubieron instigado
aanstichten (v) [ramp]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
provocar (v) [ramp]
  • provocado
  • provocas
  • provocan
  • hubiste provocado
  • hubieron provocado
aanstichten (v) [opstand]
  • aangesticht
  • sticht aan
  • stichten aan
  • stichtte aan
  • stichtten aan
provocar (v) [opstand]
  • provocado
  • provocas
  • provocan
  • hubiste provocado
  • hubieron provocado
aanstichten (v) [ramp] hacer estallar (v) [ramp]

'Traducciones del Neerlandés al Español

NL Sinónimos de aanstichten ES Traducciones
teweegbrengen [aanrichten] bedingen
verwekken [aanrichten] zeugen
veroorzaken [aanrichten] führen zu